De sociale textuur van Schouwen-Duiveland – Ria Geluk (75) blijft breien

Alsof ik een bolletje wol ben, waar misschien wel mee te breien valt. Zo voelde het om in gesprek te zijn met Ria Geluk. Hoedster van Schouwen[1]. Een vrouw die een rol speelde bij zo goed als alle sociale structuren die op Schouwen-Duiveland zijn ontstaan. Een vrouw die zich zorgen maakt. Over het structurele gebrek aan samenwerking op het eiland. Over de huidige onder-georganiseerdheid op Schouwen-Duiveland en over de toekomst van het eiland, nu dat in sommige toekomstvisies op Nederland (Plan B) van de kaart verdwenen blijkt, om de zee meer ruimte te geven. 

Zomaar opgeven, rijmt niet echt met hoe Ria in het leven staat 

Moeten de VVV’s in Zeeland sluiten, omdat fusie-organisatie VVV-Zeeland failliet is gegaan? Ria is alweer bezig met haar eigen Plan B, en probeert te zorgen dat in Zierikzee en Renesse de VVV’s weer opengaan. Ze werd recent lid van de werkgroep Ringdorp Dreischor, om te zorgen dat mensen het prachtige dorpje Dreischor weer weten te vinden. En dat ze dan een bezoekje brengen aan landbouwmuseum Goemansdorp in Dreischor (waar ze oud-bestuurder van is en nu nog suppoost). Wat ik overigens van harte aan kan raden (als het weer open gaat), want ik vind dit misschien wel het leukste museum van Nederland. 

Geluk staat vooral bekend als de vrouw die het Watersnoodmuseum op de kaart zette. Maar in ons gesprek hoor ik dat ze bij alle zeven musea op het eiland wel betrokken was (en nee; die kende ik niet allemaal). Ze zet zich momenteel vooral in voor erfgoedkwesties, zoals de Napoleonschuur en de karakteristieke cichorei-fabriek aan de N59. Maar vergeet de dertig (of meer) andere initiatieven niet waar ze ook mee bezig is, of al jaren onderdeel van vormt. 

Bij ons in de boomgaard

Zelf kende ik haar niet, totdat ik haar tegenkwam in het Zeeuws Vernieuwerslab. Daarin riep ze enigszins vertwijfeld; zijn hier eigenlijk wel mensen van Schouwen? Mij kende ze uiteraard niet, al had ik achteraf moeten zeggen dat ik de partner ben van Vos Broekema, dan had ze het wel geweten. Vorige zomer liep ze nog bij ons door de boomgaard, tijdens Kunstschouw 2019, waar Vos met een expositie aan meedeed. Ze houdt alles wat er op Schouwen-Duiveland gebeurt goed in de gaten. Zo ook de recente actie van Vos om de bergen aangespoeld plastic granulaat in de Oosterschelde op te ruimen met hulp van grote stofzuigers. “Mooie actie Vos. Goed ook dat er onderzoek komt”. Zegt ze als Vos even binnenkomt lopen. 

Actie. Daar houdt Ria van. 

Wat doe jij dan zoal, was uiteraard een van de vragen van Ria aan mij, waarna de parallellen voelbaar werden. Maar ook de verschillen. Ria heeft zichzelf dit leven minstens tien keer opnieuw uitgevonden en ze zit in (ruwe schatting) zo’n 20 commissies. Ze bestierde 20 jaar het meest beroemde café van Zierikzee, de Suikerbiet, waar ook mijn schoonvader vaak kwam. Werd vervolgens boer. Maar werkte ook lang als ‘vormingswerker’. Een term die ik niet kende, maar die kennelijk in zwang was vanaf de wederopbouw, toen hele wijken uit de grond gestampt werden. 

Een vormingswerker was iemand die een wijk op eigenzinnige manier tot leven bracht, door een soort oliemannetje (of vrouwtje) te zijn rond alle ideeën die er speelde over activiteiten in de wijk. Veel mensen willen wel iets, maar weten niet waar te beginnen. Een vormingswerker brengt mensen bij elkaar, zorgt dat er geld komt en tijd en ruimte. Zo blijft het niet bij plannenmakerij, maar ontstaat er al snel echt actie. 

Oude wijn? 

Het intrigeert me mateloos. Vormingswerk lijkt erg op wat er nu nodig is in de duurzame transitie op wijk- (en gebieds-)niveau. Waarom heb ik niemand daar eerder over gehoord? Waarschijnlijk omdat het gezien wordt als een gedateerd verschijnsel, wegbezuinigd, en bovendien een fenomeen uit de hoek van welzijnswerk. 

Ik moet denken aan het ‘webbers’ fenomeen waar ik recent op gewezen werd. Uit de koker van Annemieke Roobeek, Nyenrode[2]. Oude wijn in nieuwe vaten? 

“De webber is inhoudelijk en relationeel sterk, en doelgericht bezig om gezamenlijke resultaten te halen in een ecosysteem. Zo kan collectieve intelligentie aangeboord worden die de betrokken partijen op een hoger plan laat denken, acteren en handelen.”

Stuk moeilijkere taal dan Ria zou hanteren, maar het gaat (volgens mij) over hetzelfde. Een gedreven mens, die allerlei andere mensen met elkaar in verbinding brengt richting een gezamenlijk resultaat. Grappig. 

Breien is geen luxe 

Eigenlijk nogal evident. In een geheel nieuwe situatie, zoals de nieuwbouwwijken waren in de wederopbouwperiode, is het breien van sociale structuren om met elkaar dingen te bereiken en te verzorgen (voldoende voedsel, speelgelegenheid voor kinderen, passend onderwijs, kinderopvang, etc.), cruciaal.  

Met de geheel nieuwe situatie dat heel Nederland drastisch moet verduurzamen, en ondertussen eerlijk moet blijven en inclusief, is net zo’n breiwerk nodig. 

Soms kunnen dingen zo simpel zijn 

Wat ik ons dus ook gun in 2021: laten we net als Ria actief sociale structuren breien voor dat waar we persoonlijk om geven. Óf onszelf actief inzetbaar maken als ‘bolletje wol’. Zo kunnen we met elkaar behouden en realiseren wat voor ons en onze dierbaren belangrijk is.   

Ik ben benieuwd waar ik hier lokaal als bolletje wol voor wordt ingezet dit jaar (óf waar ik zelf de breipen oppak). En misschien dat ik de vele ‘ecosystemen’ die ik heb gebouwd en begeleid in het kader van mijn werk voor MVI, IenW (mobiliteitstransitie in het Waddengebied) en de Club van Rome, gewoon maar vormingswerk ga noemen 🙂

Waarom moeilijk doen als het makkelijk kan.  


[1] Ria Geluk werd meermaals verkozen tot meest invloedrijke persoon van Schouwen-Duiveland. Uit mijn gesprek met haar maak ik op dat ze alleen dit jaar al zo’n tien nieuwe initiatieven ontplooide, op de meest diverse terreinen.  

[2] https://www.managementimpact.nl/artikel/annemieke-roobeek-vergroot-innovatiekracht-in-een-ecosysteem/ – Roobeek heeft het wel vooral over ‘ecosystemen’ van organisaties; en niet van individuen of huishoudens, in relatie tot professionele actoren in een wijk.  

‘Gaan staan’​ voor waar je omgeeft: dat gun ik ons allemaal

Barbara Oomen op de koffie – hoogleraar met een twist 

Stel: je hebt achter de schermen alles beïnvloed wat je kon beïnvloeden in Zeeland, rond de dossiers die jij belangrijk vindt. Er is een gerenommeerd University College gekomen in Middelburg met onderwijs en onderzoek waar je in gelooft. Je hebt gezorgd dat meer vrouwen de Zeeuwse besturen en politiek ingaan. Je hebt meeonderhandeld over de Marinierskazerne en de compensatie voor het uitblijven daarvan. Je zette je in voor de Regionale Energiestrategie van Zeeland. Vergrootte bewustzijn van de energietransitie onder jongeren. En zorgde dat er een motie in de Tweede Kamer kwam om de tolheffing af te schaffen. Omdat tol betalen om bij je dochter op ziekenbezoek te gaan of een nieuw paspoort te halen, oprecht oneerlijk is. 

Stel je doet dat alles. En komt dan nog steeds tot de conclusie: het is niet genoeg. 

Zeeland is aan het wegdrijven. 

Deze provincie wordt eerder minder krachtig, dan krachtiger, gegeven alle uitdagingen die op haar afkomen. 

Verdroging, verzilting, toename van toerisme – wat de balans tussen ecologie en economie op de Zeeuwse eilanden verder onder druk zet, afname van de beroepsbevolking, tekorten in de zorg, tekorten als het gaat om goede en voldoende bestuurders en vrijwilligers van allerlei verenigingen, afname van publieke voorzieningen zoals bibliotheken en buurthuizen, minder openbaar vervoer, groeiende tekorten aan sociale huurwoningen en toename van verhuur van vakantiewoningen, wat dorpen steeds kwetsbaarder maakt buiten het toeristisch seizoen. 

Het is nogal wat. 

En dan is Zeeland ook nog eens de armste provincie van Nederland[1]. En bestuurlijk zo weinig slagkrachtig – en ook zo bescheiden – dat het moeite heeft om de neerwaartse financiële spiraal te doen keren. 

Wat doe je dan? 

Barbara Oomen (hoogleraar mensenrechten te Middelburg) kon maar tot één conclusie komen. Ze besloot tot haar politieke ‘coming out’. Ze intensiveerde haar enigszins slapende PvdA lidmaatschap en startte het pad naar een positie op de landelijke kieslijst. Ze staat op plek 21. Geen zekere plek. Maar met voorkeursstemmen hoopt ze er te komen. 

Mijn stem heeft ze. 

Ik sprak Barbara vorige week, bij ons aan de keukentafel.  We ontmoetten elkaar virtueel in het Zeeuws Vernieuwerslab. Ze belichaamt voor mij wat het betekent om volledig ‘congruent’ te zijn. Ze is wat ze vertelt. Alles wat ze deelt, komt binnen. Niet vanwege de zwaarte of de dramatiek. Maar omdat ik voel dat zij voelt, dat het menens is voor Zeeland. Op al bovenstaande uitdagingen. En dat het niet langer oké is om erop te vertrouwen dat anderen dan wel gaan staan voor wat er echt moet gebeuren (betere bereikbaarheid in heel Zeeland, natuur-inclusieve landbouw en vrije toegang door de Westerscheldetunnel) en waar we juist met onze tengels vanaf moeten blijven (kwetsbare natuur, sociale huurwoningen). 

Geen fan van politieke partijen 

Volgens mij heb ik nog nooit PvdA gestemd. Ik houd eigenlijk ook niet van politieke partijen. Omdat ze voor mijn gevoel eerder ‘verdelen’ dan ‘verenigen’, terwijl ik juist denk dat dit laatste nodig is. Daar is Barbara het mee eens. Ook zij zoekt voortdurend naar de gemeenschappelijke grond. Wat willen we allemaal? En smeedt dan bondjes met partijen waar haar politieke collega’s liever niet mee gezien worden. 

Het gaat om de opgaves. Die zo groot zijn. Daar moeten we voor gaan staan. En daarbij is alle talent nodig. 

En jij dan? 

Moet jij niet de politiek in, vraagt Barbara? De lokale politiek. Daar gebeurt zoveel meer dan je denkt. Ze hebben mensen nodig zoals jij. Die de juiste vragen stellen. Uitzoeken hoe het precies zit en die met een alternatief plan komen, waarin ecologie en economie elkaar vinden. Dat laatste zei ze allemaal niet letterlijk, maar dat denk ik er nu ter plekke bij. Nu ik al typende aan het filosoferen ben. 

Ik zie het mezelf nog niet doen. 

Coulissen of spotlight? 

Ik ben meer iemand voor achter de schermen. Net als Barbara lange tijd was. Maar wie weet. De wereld verandert zo snel. En ook ik sta niet stil. Misschien verschuil ik me in 2021 niet langer achter de coulissen, om zinvolle aanwijzingen te geven, maar stap ik zelf meer in de spotlights. Met een eerlijk verhaal over wat me raakt aan wat ik zie gebeuren in Zeeland. Wat ik wil beschermen. En waar ik me voor wil inzetten. 

Gisteren was ik helemaal in tranen. Een van de kinderen liet me een filmpje zien van een Orang-oetang die met zijn laatste krachten tegen de graafmachine vocht die de bomen van zijn leefgebied om ver trok. Ik hield het niet meer. Was helemaal van slag, terwijl mijn hoofd argumenten verzon om me te kalmeren.  

Beetje melodramatisch. En een Orang-Oetan heb ik hier in Zeeland nog nooit gezien. Toch voel ik oprecht: zo ver moet het hier nooit komen. De schoonheid van Zeeland, van Nederland. Van deze aarde. Die is het waard om voor te gaan staan. Me groot voor te maken en al mijn talenten voor in te zetten. 

We zullen zien wat 2021 brengt. Maar als ik één ding zeker weet; ik ga vol overgave de grenzen van mijn groei oprekken en me inzetten voor wat mij dierbaar is.  


[1] De Rijkste Provincie van Nederland, Gelderland, is bijna 34 keer zo vermogend als Zeeland. Dit heeft te maken met de verkoop van energiebedrijven aan buitenlandse spelers, waar Zeeland niet van mee profiteerde.